Kroatië, Slovenië en Italië 20 sept - 1 okt 2017



1 okt 2017                                                                           San Miniato



Zondagmorgen:
Na het zien van de geslaagde start van Max Verstappen in Maleisië , besluit ik de antiekmarkt in San Miniato te gaan bezoeken. San Miniato staat te boek als een van de mooiste middeleeuwse dorpjes in Toscane, wederom op een heuvel gelegen en hier slechts 15 kilometer vandaan.

Even een stevige klim en een flink stuk lopen want het oude centrum is vanwege de markt afgezet.

Sfeervol dorp inderdaad en een kleine, doch charmante markt. 
Rechts: mijn vondstjes. Ik heb jaren geleden afgeleerd met grote stukken thuis te komen om uitbreiding van mijn 'museum' te voorkomen.
Ik ben alleen op zoek naar interessante kleine stukjes die ik weer verwerken kan in mijn huidige project: De Heele Santenkraam. 
Rechterfoto links:
Een speld in de vorm van een vleugel, gemaakt van parelmoer en met een oude en bijzondere sluiting. Ik heb hem direct op mijn baretje gespeld en voel me nu een soort van Mercurius, hetgeen uitstekend bij mijn sterrenbeeld en mijn geaardheid past, dus die zit letterlijk en figuurlijk.

In het midden eeuwenoude gesmede spijkers, vier stuks, dus vult u zelf maar in waar die in verwerkt zullen worden.

Rechts, tja, als ik dat toch eens wist. In eerst instantie dacht ik aan een stempel die gebruikt zou kunnen zijn om een Agnus dei die in was gedrukt zou kunnen worden, maar dat was wat te hoog gegrepen.
De antiquair vertelde me dat er een houder in heeft gezeten, en dat geloof ik wel, en dat het een stempel is. Hmmmm, dat geloof ik niet meneer, want dan zouden de letters in spiegelbeeld er op staan. Ach ja, dat is waar, zei hij. Ergo, hij heeft geen idee waar het ding vandaan komt. 

Mooi weer wat om uit te zoeken. Als jij het weet: let me know!!

Terwijl ik nog wat antiek kant sta te bekijken ontvang ik een smsje: MAX IS EERSTE GEWORDEN!

 

 

Naast de kathedraal bevindt zich een mooi museum: 
Museo Diocesano d'Arte Sacra Di San Miniato.

 

De volgende foto's zijn daar gemaakt.

Hiernaast: 
Het antieke embleem van  de Academie de Euteleti.

Olie op canvas, gelijmd op gebogen hout.

Schilder onbekend.

Rond 1650.

De twee dames stellen de Kunst (links) en de Wetenschap (rechts) voor.

De drie cherubijnen dragen de attributen:

1: palet en kwasten voor de schilderkunst

2: viool en strijkstok voor de muziek

3: boeken voor literatuur en dichtkunst

 

Zij dragen een spiegel waarop een zon met een onbewolkte hemel te zien is. Dit beeld symboliseert het motto van de academie:
'Oritur sed non occidit'  (het rijst maar gaat niet onder)

wat zoveel inhoudt als: niets staat het proces van ontwikkeling in de weg.

'De heilige familie met Johannes de Doper' eind 16e eeuw

Geschilderd door Francesco Morandini.

109 x 141 cm

Afkomstig uit Chiesa di Sante Lucia, Montecastello

 

 

Gisteren heb ik het schrijntje van Johannes het Dopertje geplaatst in het Maagdenkabinet, waarin ik suggereerde dat Jezus wellicht met Johannes gespeeld heeft in zijn kinderjaren en nu kom ik dit mooie schilderij tegen.

Johannes is een van de weinige heiligen die ook als kind wordt afgebeeld en je herkent hem onmiddellijk omdat hij altijd een tekstlintje bij zich draagt: Ecco Agnus Dei (zie hier het Lam gods)

Ook draagt hij hier reeds een buideltje c.q. herderstasje bij zich.

 


 

Jaaaaaa, dit ontdek ik graag!!
Een draagbaar altaartje van populierenhout, gemaakt in de 18e eeuw.

78 x 96 cm

De maker is onbekend, maar het lijkt me dan ook gewoon leuke huisvlijt. (Of zeg ik nu wat oneerbiedigs? Ik heb in Nederland heel wat sjiekere draagbare altaartjes gezien).

Alhoewel ik het niet heb kunnen ontdekken, staan er volgens de beschrijving ergens wapentjes ingegraveerd, behorend bij kanunnik Philip Bonaparte, 'oom van de' dus men suggereert hierdoor dat het van hem geweest moet zijn. In het midden van de 18e eeuw behoorde dit gebied ook toe aan de familie Bonaparte.
De foto rechts brengt de constructie van zo'n kistje goed in beeld.

 


30 sept 2017                                                                       Florence


Van mijn vriendin Melika kreeg ik dit boek mee voor 'mochtikmevervelen.
Alhoewel Toscane niet echt het reisdoel was, past het nu uitstekend binnen de omgeving waarin we ons nu bevinden.

 

Het draait allemaal om het beroemde schilderij La Primavera van Botticelli.

Uit boosheid dat Botticelli haar niet betaalt, steelt Luciana, een prostituee, een miniatuur van het schilderij en binnen een paar uur tijd worden drie moorden gepleegd. Ze roept de hulp in van monnik Guido van Santa Croce en samen gaan ze op de vlucht voor hun achtervolgers. Intussen proberen ze de geheimen te ontdekken die het gestolen schilderij kennelijk bevat.
Heerlijke mix van de platvloerse taal door Luciana en de intelligente uitspraken van Guido.

De schrijfster Marina Firato studeerde geschiedenis en volgde de kunstacademie en dat zorgt voor een goed beschreven beeld van wat de steden te bieden hebben en de sfeer tijdens de Italiaanse renaissance.

'La Primavera'  
Sandro Botticelli  ca 1477
Museum Uffizi, Florence (zaal 10)

203 x 314 cm


'De Lente' : 

Venus in het midden met de geblinddoekte Cupido zwevend boven haar. Links Mercurius, dan de witte gedaanten als de drie gratiën, Flora, de aardnimf Kloris en Zephyros, de westenwind.
Echter, de helden uit het boek zien de Mercurius als Botticelli, en de andere gedaanten als steden (ik ga niet alles verklappen) maar zij zien in de figuur die de drie gratiën met hun armen maken bijvoorbeeld de scheve toren van Pisa.

Creatief gevonden en vermakelijk verder.


Florence...we zijn er al meerdere malen geweest en om de drukte een beetje te ontlopen op deze zaterdagmiddag besluiten we te fietsen langs de rivier de Arno die de stad in twee helften deelt.

Parkeer je auto aan het begin van het stadspark Le Cascine en volg het prachtige pad langs de rivier. Het slinger wel eens van links naar rechts hier en daar maar het wijst zichzelf. Wij zijn zo'n 25 kilometer door blijven fietsen tot aan Compiobbi en na het nuttigen van de gebruikelijke zaken terug naar Florence, nu wat meer door het centrum.
Bij terugkomst was er een straatmuziekfestival in het Cascinepark gaande. Zijn van die cadeautjes...


28 sept 2017                                                                       Lucca


Vandaag staat Lucca op de agenda. Dit is een stadje naar mijn hart in alle opzichten. Uiteraard zijn we over de stadsmuur van Lucca gereden met de fiets. Een mooie trip van 4,5 km lang manoeuvreren tussen wandelaars, joggers en andere fietsers. Genieten van een herfstachtig zonnetje en een indruk krijgen van het oude centrum. In feite fiets je niet over de muur maar over de brede wal die er tegen aan is gelegd: zeer de moeite waard.

Daarna het oude centrum in: eerst een cappuccino met een vijgen-walnotentaartje en dan weer aan de slag. Dit keer kies ik voor twee items die ik heb gezien in de Basilica da San Frediano. Het graf en de relieken van de heilige Zita en een vitrinekast met een Ecco Homo die door de pastoor uit de kerk is verbannen omdat hij vond dat hij daar niet thuis hoorde.

Relieken van de heilige Zita.

Je zou denken dat het lichaam gebalsemd c.q. gemummificeerd zou zijn maar dat blijkt niet het geval. Het lichaam van Zita werd 100 jaar na haar dood, in 1378 dus, opgegraven en het bleek in deze staat te zijn.

Het is vaker gebeurd: lichamen die niet of nauwelijks ontbinden. In vroeger eeuwen leefde men dan in de overtuiging dat het heiligen betrof, immers 'het is den zonde die het lichaam ontbindt'.
Pius X bijvoorbeeld was ook nog geheel intact, maar het is bekend dat pausen worden gebalsemd en begraven in drie kisten zodat ze door gebrek aan zuurstof goed geconserveerd blijven, evenals, en o wat maak ik nu een zijstap: het lichaam van kunstschilder Dali die onlangs is opgegraven voor een DNA test: zelfs zijn snor staat er na 38 jaar nog keurig bij: 'om 10 over 10'. Update: nee, hij is niet de vader van de vermeende dochter.
Naast het intact blijven van de lichamen blijken sommige heiligen ook nog lekker te ruiken. 

 

Zij is de patrones van de bloemetjes en daar gaat de volgende legende over:

Toen Zita weer eens op pad was haar goede werken te verrichten,werd ze aangesproken met de vraag wat ze daar in haar schort had te verbergen. nadat een jaloerse collega haar baas verteld had dat alles wat ze aan de armen gaf, was gestolen. Toen ze haar schort opende, vielen daar geen brood en dergelijke uit, maar bloemen en blaadjes.

Dit ken ik ook van de legende van Elisabeth, waar rozen uit haar schort vielen.


St. Zita van Lucca  1218 - 1278       naamdag: 27 april.

 

De legende van Zita:

In een klein dorp, weggestopt tussen de bergen van Carrara vlakbij de stad Lucca, werd op een dag een meisje geboren. Haar naam was Zita, en zij had een gelukkige jeugd in een kleine boerenwoning, waar zij content opgroeide. Zita en haar ouders werkten hard maar soms was er niet genoeg om te eten, en de arme kleine Zita leed honger. Maar haar vader, Giovanni Lombardo, en haar moeder, Buonissima, zorgde dat er veel liefde en zorg in het huis was, waardoor ze opgroeide tot een gelukkig meisje. 

Zita was twaalf jaar oud toen zij bad tot God om een baantje, zodat haar ouders niet meer zo hard hoefden te werken om eten op tafel te zetten. Haar wens kwam al snel uit toen zij een baantje kreeg als dienstmeid voor een nobele familie in de stad Lucca.

De familie die haar in dienst nam en waar zij bij in huis trok was de Fantenelli familie, en hoewel ze verdrietig afscheid nam van haar lieve ouders verheugde zij zich ook op haar werk en om bij te kunnen dragen. Ze werkte hard en had slechts één verzoek, namelijk dat ze ’s morgens naar de kerk mocht gaan. Zita bracht haar vrije tijd door met het voeden van de armen en het verzorgen van de zieken, en al snel sloten de mensen van Lucca, inclusief haar baas, haar in hun harten. 

Op een morgen toen het Kerstmis was zag haar baas hoe ze zich naar de kerk begaf in een dun jurkje, want ze had haar warmere kleren aan de daklozen gegeven. Haar baas leende haar zijn warme mantel, waar ze hem zeer dankbaar voor was. 

Maar buiten de kerk trof zij een bedelaar die het erg koud had, en zij gaf hem de mantel te leen voor de duur van de kerkdienst, om op te warmen. Maar toen Zita aan het eind van de dienst buiten kwam was de bedelaar weg!
Bang en bezorgd liep ze terug naar haar baas en vertelde hem wat er gebeurd was. Hij was erg boos en schreeuwde tegen haar en terwijl ze huilde voelde ze een hand op haar schouder. Ze draaide zich om en zag dat het de bedelaar was, maar zijn gezicht was gehuld in een aura van licht! 

Zita realiseerde zich onmiddellijk dat dit een engel was en zij werd blij van de gedachte dat God over haar waakte. Haar baas schaamde zich diep en beloofde om een beter persoon te worden, zoals zijn dienares, die te boek kwam te staan als een heilige. 

De inwoners van Lucca realiseerde zich dat er een heilige in de stad woonde, en toen zij vele jaren later op hoge leeftijd overleed, werd haar begrafenis door duizenden bijgewoond. Tot aan vandaag de dag wordt dit verhaal aan kinderen verteld om de waarden en normen bij te brengen om andere mensen te helpen, en om meer aan anderen dan aan jezelf te denken.

Bron: Tuscani Villas  

 


 

Links: Een grote kapel is gewijd aan de heilige Zita van Lucca, de patroon van de bloemen en de barmhartigheid. De wanden zijn bedekt met grote schilderijen van Paolo Guidotti, 16e eeuw en van F. Del Tintore uit de 17e eeuw, die diverse bekende taferelen uit het leven van Zita uitbeelden. Op het altaar het schrijn met de overblijfselen van Zita.

Rechts: Bij de uitgang tussen alle curiosa en devotionalia liggen ook dit soort prentjes te koop. Voorzien van een zakje met bloemetje en een sierlijk lintje. Voor 2 euro mag je er eentje uitzoeken.

 

Voordat je de basiliek verlaat, loop je nog door de Capella del Soccorso, alwaar nog fresco's, schilderijen en andere interessante attributen te zien zijn die beschreven worden in de hand-out die je bij de ingang mee krijgt. 
Behalve dit stuk, een vitrinekast met een Ecco Homo er in en gelegenheid om er wat geld in te stoppen.
Niet verwonderlijk, volgens de verkoper/gids die achter een tafel vol boekjes en moderne devotionalia mij vriendelijk te woord staat. Volgens hem heeft de prior het stuk uit de kerk laten verwijderen omdat het stuk er als een tang op een varken bij stond. Het wijkt qua niveau en tijdsperiode enorm af van de rest van de basiliek. Daar heeft hij wel gelijk in, maar ik vind het natuurlijk weer een aandoenlijk object ... Echte volkskunst: het zit er dik bovenop en de verhoudingen zijn niet helemaal zoals het zou moeten, maar dat maakt het juist weer zo bijzonder. Misschien omdat ik perfectie, met alle respect, gewoon saai vind: geweldig knap, maar saai. Dit boeit me meer. 

 

Betekenis ECCO HOMO: 
Het is latijn voor: 'Zie de Mens!
Deze woorden zou Pontius Pilatus geroepen hebben toen hij Jezus toonde aan de menigte joden die zich voor het gerechtsgebouw hadden verzameld. Volgens de joodse wet had Christus een overtreding begaan door zichzelf de zoon van God te noemen en Pilatus liet de joden over zijn bekende uiteindelijke lot te kiezen.
Op Ecco homo voorstellingen wordt hij meestal afgebeeld als de belachelijk gemaakte 'koning der joden' : met een doornen kroon, een rode mantel en soms een rietstengel als scepter. Zijn lichaam is bedekt met bloeddruppels door de voorafgaande geseling.

 

Links:  ook het marmer is niet echt maar geschilderd en het hart in het midden is een geschilderde relikwie in plaats van een origineel.
Rechts: De tekst op de vitrine met als inhoud dat je met wat geld offeren je aflaat kunt verdienen. Over aflaten kom ik later nog uitgebreid op terug.


 

Als hekkensluiter van vandaag:

 

Sticker op het toilet is waarschijnlijk net zo vaak  aangeraakt als de grote witte knop waar hij naar toe verwijst.

Geen slim ontwerp doordat de wijzende vinger overheerst boven de platte pijl en wedden dat je er toch alsnog stiekem op drukt al was het alleen maar om te checken of er dan toch nog iets gebeurd? 

Duizenden lammetjes gingen u voor dus niet erg.


27 sept 2017                                                                       Pisa en Toiano


Vandaag Pisa bezocht. Ik ga er niets over vertellen. Velen zijn er vast al eens geweest en ik wil mijn posts beperken tot de wat minder bekende en groteske bezienswaardigheden.
Vermakelijk waren in elk geval wel de poses van toeristen om de gangbare fotograpjes uit te halen met de scheve toren. 
Bij deze mijn bijdrage aan de meligheid.

Na de chaotische verkeersdrukte zoeken we het hogerop, de rust en eenzaamheid tegemoet.

Zo'n anderhalf uurtje rijden vanuit Pisa ligt onder Palaia ligt het verlaten dorpje Toiano. Ik ben verzot op verlaten huizen en dorpen en zeker als je er alleen kunt ronddwalen met her en der ondefinieerbaar geritsel en het geluid van de wind op de achtergrond. En als het dan ook nog lukt om er met zonsondergang te arriveren kan de avond niet meer stuk.  

 

Het middeleeuwse spookdorp Toiano is te bereiken via een smalle kronkelige weg welke steeds slechter wordt naarmate je stijgt of via een breder steiler grindpad. In beide gevallen is het beste vervoermiddel een ATB of een 4x4  mits je te voet wilt gaan natuurlijk. Je wordt beloond met een adembenemend uitzicht.

 

Het dorpje wordt 'in stand gehouden' door het Fondo Ambiente Italiano (FAI), een fonds dat twee richtlijnen hoog in het vaandel heeft staan. Een daarvan is om het natuurlijke erfgoed van Italië, inclusief de goed gedocumenteerde geschiedenis, tradities en artistieke schatten, te promoten. De tweede richtlijn is om uit te dragen wat het precies betekent om Italiaans te zijn; om de wortels en identiteit van de inwoners te beschermen en tot bloei te laten komen. 
Wat behouden moet worden, is afhankelijk van de uitkomsten van een enquête die de FAI eens in de twee jaar organiseert, dus iedereen kan stemmen op wat hij of zij graag bewaard ziet.
 

Overigens zijn er een paar pandjes vrij onopvallend gerestaureerd en worden (zo nu en dan) bewoond. Bovendien hangen er her en der bordjes FOR SALE, dus als je van opknappen houd kun je hier aan de slag!

Gelukkig ontbreekt er elke vorm van horeca of souvenirwinkeltjes en ondanks dat en de slechte bereikbaarheid schijnt het volgens de media elk jaar veel toeristen te trekken. Ga je er tijdens zonsopgang- of ondergang dan loop je veel kans dat je net als wij, de totale desolaatheid kunt ervaren. En na een middag Pisa vormt dat een plezierig contrast.

 

 

En tot SLOT ...  vond ik dit!

 

Thuis eens kijken of ik het cement er tussen uit kan bikken en dan krijgt dit exemplaar natuurlijk een bestemming in
De Heele Santenkraam


26 sept 2017                                                                        Monopoli - Palaia


Voor vandaag heb ik een fietsroute gepland van 45 kilometer van Montopoli, via Palaia, Montecastello en Castel del Bosco weer terug naar Montopoli.
Hiervoor kijk ik op Google Earth zodat we naast interessante dorpjes ook door een mooi gebied kunnen fietsen. Het klimmen en dalen maakt ons sinds we overstag zijn gegaan voor een e-bike, niets meer uit en dat scheelt een hoop! Daarnaast heb ik een uitstekend fietsnavigatie-appje gedownload die ons op de meest mooie en kleine fietspaden laat rijden en dat hebben we geweten vandaag! Ik denk een van de mooiste fietsroutes ooit, maar ja, wat is hier in Toscane nu lelijk. Wel goed opletten voor oneffenheden in de weg, zeker daar waar het door bebossing vrij donker is en je bij afdalingen verrast kunt worden. Maar wat een schitterende route was dit. 
De app die ik gebruik heet 'Naviki'. Gratis te downloaden en voor een paar euro's aan extra opties navigeert de app je over weggetjes en paadjes die je anders nooit had kunnen vinden, met offline-kaarten natuurlijk.

Op mijn fiets heb ik overigens een USB- aansluiting laten plaatsen zodat energieverbruik geen issue is.

 

Foto links:
Wanneer je het lintdorp Montopoli uitrijdt en het weggetje tussen de olijfbomen volgt stuit je vanzelf op dit driekantige kapelletje.
Foto midden:
Interieur van Madonna del Soccorso. De kerken en kapellen zijn over het algemeen gesloten. Het interieur is meestal wel zichtbaar door tralies en wat ook altijd bereikbaar is, is een kastje met gleuf om geld in te stoppen.
Foto rechts: 
Exterieur van het kerkje.
Links van het kerkje vervolgen we onze weg naar beneden, welke voert langs geurige struiken, bloemen, olijfbomen, cipressen, hoge rietsoorten en zelfs een bamboebos om vervolgens een zachte klim te maken naar 'slapende' middeleeuwse dorpen als Palaia waar de tijd schijnt stil te staan. 
Met heerlijke cappuccino, home made taartjes en vriendelijke, open mensen.

In het centrum van het rustieke plaatsje Palaia staat op het dorpsplein de romaanse Chiesa di Sant Andrea.

Het meest opvallende vond ik de twee houten vitrinekasten op tamelijke hoogte, met aan de ene kant Antonius en aan de andere kant deze heilige. 
Hij heeft zijn kleed opgetrokken en wijst met zijn vinger naar een enorme puist of zweer en wordt geflankeerd door een klein uitgevallen herdershondje.
Het is de zogenaamde ongekuiste versie van de heilige Rochus. De gekuiste versie is een beeld waarin men een gat in zijn broek of kleed heeft gemaakt waarop hij naar zijn pestbuil, want dat is het, wijst. 

 Een heilige, afgebeeld met mantel, stok en buidel is altijd een pelgrimheilge.

 

Hij is, onder zeer veel meer, de patroonheilige voor mensen met besmettelijke ziektes en met deze M.J.pose, die in eerste instantie toch minimaal een 'huh?' ontlokt wanneer je hem voor het eerst tegen komt, wordt aangegeven dat je je niet hoeft te schamen voor je ziekte en zeker geen teruggetrokken leven hoeft te leiden. 


De legende van Rochus van Montpellier  ca 1350  (Feestdag 16 augustus)

 

Een ware legende, want veel feiten zijn er niet.

Rochus wordt geboren in Montpellier (F) als zoon van welgestelde ouders. Hij had vanaf zijn geboorte een wijnvlek in de vorm van een kruis op zijn linkerzij, wat men al direct als een teken van God beschouwde. 

Nadat zijn ouders waren gestorven besloot hij het leven van een pelgrim te gaan leiden. Wanneer hij ergens kwam waar de pest was uitgebroken of een andere ziekte, dan bleef hij daar om de zieken te verplegen en soms wist hij ze te genezen door middel van een kruisteken. Uiteindelijk kwam hij in Rome aan waar hij drie jaar verbleef.

Op de terugweg naar huis werd hij in de stad Piacenza zelf getroffen door de pest. Uit angst dat hij anderen zou besmetten trok hij zich terug in een naburig bos. Hij werd door een landjonker die daar in de buurt woonde, ontdekt doordat diens hond er telkens met een homp brood vandoor ging en kwam er achter dat deze Rochus van voedsel voorzag. De landjonker, die niet geliefd was, werd door dit gegeven er aan herinnerd dat je je naaste moet beminnen als jezelf en werd uiteindelijk weer opgenomen in de gemeenschap.

Rochus genas van de pest en keerde terug naar huis waar op dat moment een burgeroorlog heerste. Niemand herkende hem, ook zijn eigen familie niet en zelfs de rechter die over zijn lot moest oordelen niet, terwijl dat zijn eigen oom was.* Hij werd voor spion aangezien en gevangen gezet.

Daar leefde hij nog een jaar of zes en toen stierf hij. Pas toen ontdekte men wie hij was, zijn grootmoeder herkende hem aan de opvallende wijnvlek in zijn zij ...

* het niet herkend worden is een terugkerend thema in pelgrimsverhalen. Personen worden blijkbaar 'andere mensen' na een volbrachte pelgrimage. 

 

Bron: heiligen.net

In Nederland is de verering van Rochus minder groot dan in bijvoorbeeld Belgie.

Toch had men in Nederweert en in Bunde, beide in Limburg gelegen, een Rochuskapel waar tussen 1857 en 1940 grote groepen pelgrims heengingen voor het jaarlijkse St. Rochusfeest.

Uitgebreide info: Nederweert   en  Bunde


Bij het zoeken naar info over de heilige Rochus kwam ik deze twee bustes tegen: rechts onze Rochus en links de heilige Blasius. 17e eeuw. Op de achtergrond herkennen we Teresa van Avila.

De bustes bevatten botrelieken van beide heren en bevinden zich in Museum Santa Teresa in Alba de Tormes. (ES)

Dat beiden hier samen zijn afgebeeld kan te maken hebben met het feit dat ook Blasius wordt aangeroepen vanwege huidaandoeningen (met namen blaren). Overigens een zeer tot de verbeelding sprekende legende over de heilige Blasius, maar dat bewaar ik tot een volgende keer.

Foto: Joachim Schäfer - Ökumenisches Heiligenlexikon.


25 sept 2017                                                                  Montopoli (I)


Zo'n 500 kilometer verderop en we bevinden ons in Montopoli, tussen Pisa en Florence, het mooie Toscane.

 

Het is maandagmiddag, ik pak de fiets om even de sfeer van dit middeleeuwse lintdorp op te snuiven. De straten zijn verlaten, geen kip te zien, de Tourist Information zou volgens het A4tje buiten open moeten zijn, maar helaas...niemand thuis.

 

Mijn oog valt op dit oude houten kruis, wat onder een arcade hangt. Er hangen nog wat attributen aan maar verder geen info. Dat wordt een zoektocht.


Een kruis zonder Jezus maar wel een hoop attributen. Helaas weet de enige kip die ik alsnog tegen kom mij geen enkel detail te vertellen; noch herkomst, noch ouderdom noch waar het bij hoort. Links boven de arcade staat wel een dertiende eeuwse toren, maar ze heeft geen idee. Ook internet biedt geen informatie.
Wat doen we in zo'n geval ... juist: we grijpen naar de fles!

 

Het kruis deed me namelijk denken aan de kruisen met attributen die net zoals de scheepjes die menigeen nog wel kent, met veel geduld door halsopeningen in een fles werden gepropt en vervolgens met kunst(grepen) netjes werden gerangschikt.

De flessen werden in Zuid Duitsland, waar ze veelvuldig werden gemaakt dan ook wel GEDULDSFLASCHEN genoemd.


De attributen die bij het kruis horen worden de 'Arma Christi' genoemd en dat kunnen er behoorlijk wat zijn:

doorgaans zien we het kruis, de doornenkroon, spijkers, nijptang, ladder, lans, een stok met een spons erop, een haan en de dobbelsteentjes. En soms worden aangevuld met de Doek van Veronica, zoals je die hier ook aan het grote kruis buiten ziet hangen, een portret van Pontius Pilatus, geselinstrumenten, een emmer, een stukje papier met daarop INRI, een koningsmantel, de goede en de slechte moordenaar, zakje met zilverlingen er in en nog veel meer.

 

Op deze manier worden diverse scenes, meestal de kruisophanging en of afneming, duidelijk in beeld gezet.

De flessen werden voornamelijk in de 19e eeuw gemaakt. In de 20e eeuw zie je nog exemplaren die met meer fantasie en eigentijdse voorwerpjes worden aangevuld.

Google maar eens op 'Geduldflasche' afbeeldingen.

 

 

En deze wil ik jullie ook niet onthouden. Bij het zoeken naar de Geduldsflaschen kwam ik ook dit deze afbeelding tegen.

Het betreft een fles met Moonshine Rakije, de belangrijkste sterke drank in Zarozje, Servië.

Het houten kruis zou de kwade krachten weghouden.

Zarozje ligt in Servië aan de Bosnische grens, dichtbij eenzame bossen en bergen. Eeuwenlang leefden de mensen daar in angst en vrezen voor de vampier Sava Savanovic die in het holst van de nacht tot leven kwam. Bij het vallen van de avond sloten de dorpelingen hun  ramen en deuren die behangen waren met knoflook en meidoorn om het monster af te weren. Want geen enkel stad of dorp in deze omgeving had te maken met zoveel mysterieuze doden door de jaren heen.

 

 

Bron: en foto:  Martin von Krogh/Moment/Institue


23 sept 2017                                                                  Hrastovlje  (SI)


Een mooie groene route vanuit Ankaran voert je naar het dorpje Hrastovlje. 
In een bijna te noemen middle of nowhere tref je dit romaanse versterkte kerkje aan. 

Het betreft de Kerk van de Heilige Drie-eenheid en is in etappes gebouwd tussen de 12e en 14e eeuw. Zeg maar kerkje want het is maar klein.

In de 16e eeuw werd het versterkt met verdedigingsmuren en hoektorens om de Osmaanse Turken te weerstaan.
De binnenkant mag je bezichtigen voor 3 euro, fotograferen mag niet en binnen staat een gids uitleg te geven over de prachtige fresco's. 

Van de ene kant mooi maar in zo'n verlaten magische ruimte ben ik eigenlijk liever alleen.

De kalkstenen kerk is zo beroemd vanwege de 15e eeuwse fresco's die zijn aangebracht door Johannes de Castuo, die allerlei scenes uit het Oude Testament en diverse heiligenlevens afbeeldde. Zo kon de ongeletterde gelovige alles begrijpen wat er in de bijbel stond.
Het bekendste gedeelte is De Dodendans, waarin elf skeletten met elf verdoemden een vers gedolven graf instappen, alwaar een twaalfde skelet met een dodenlijst staat te wachten. De elf personen zijn een kind, een soldaat, een bedelaar, een bankier, een koopman, een monnik, een bisschop, een non en een koning en koningin om aan te geven dat NIEMAND ontkomt aan de dood.

De openingstijden zijn onregelmatig. Vandaag hing er een briefje aan de deur met actuele tijden en was er een gids aanwezig. Mocht dat niet zo zijn dan mag je aanbellen op huisnummer 30 voor de sleutel.

 

Bron: Slovenië-text only e-book 

Boven aan de afslag in het dorpje, waar je links naar het kerkje gaat, kun je rechts een gezellig en goed restaurantje bezoeken met streekgerechten.

Ik bestel een overheerlijke gevulde maissoep en een salade, die zo vers is en zo mals, dat het niet anders kan zijn dat deze zojuist geplukt is in de groentetuin die achter her restaurant gelegen is. Heerlijk!

En we besluiten een nootje te kraken, een van de velen die we onderweg hebben opgeraapt en bij het zien van de vergankelijkheid der dingen en de kringloop des levens beseffen we dat we de dag moeten plukken en de noten moeten laten liggen.

 


22 september 2017


Ook bij het zoeken naar informatie over relikwieën kom je ook ongelooflijk (leuke? bizarre?geweldige?grappige?) voorwerpen tegen zoals deze 'uierhoed' van Meinbert Gozewijn van Soest, geweldige naam overigens, uit zijn rariteitenkabinet. Hij beschrijft zijn vondsten, denk- en werkwijze op een levendige, anekdotische manier, zonder veel filosofisch gebral. Meindert heeft er een fan bij in elk geval.
Bezoek zijn website voor meer: wel even zoeken naar de fotoverzameling: scroll van links naar rechts ipv boven naar beneden.

Meinbert Gozewijn


20 september 2017                                                                   Buje    (HR)


Buje (Buie) in Noord Kroatië. 
Hier aangekomen nadat we een half uurtje voor de grens van Slovenië hebben staan wachten voor paspoortcontrole: why? We gaan de EU uit, so ... Maar in ieder geval, hier zijn we in Buje aanbeland. Een dromerig plaatsje op een vrijstaande heuvel tussen weelderige wijngaarden waar al sinds de prehistorie mensen wonen. De bezienswaardigheden zijn de (gesloten) St. Serveluskathedraal en de hier onder genoemde Santa Mariakerk, maar over dit juweeltje wordt nergens gerept. 
Juweeltje omdat het een prachtige pittoreske plek is met vanuit de begraafplaats, of wat er dan ook van over is, een waanzinnig uitzicht. Ik zou zo'n decoratief muurtje wel willen overigens.

Het betreft het Sant Martino kerkje, dat in de 18e eeuw is gerestaureerd. Volgens mij zijn ze gestopt aan de buitenkant, want het is een waar kerkhof-kerkhof. Het grondstuk ligt bezaaid met oude grafstenen waarvan het lijkt dat ze gewoon her en der op een hoop zijn gegooid. Enkele stukken staan nog tegen de muur opgesteld.
De plaatselijke VVV zal vast meer weten. Niet dus: het is helaas zoals bij veel Tourist Informations: ze weten alles over hotels, restaurants en musea en ze zijn goed in het uitdelen van plattegrondjes. Als ik navraag doe over dit kerkje, dan blijft het bij het volgende antwoord: "it is a very old church.". Wat zou het mooi zijn wanneer elke TI mensen door kan verwijzen naar 'wandelende musea' die graag hun verhalen over het dorp of stad kwijt willen, zoals bijvoorbeeld de verhalenvertellers in veel Afrikaanse landen. 
Een aantal dagen geleden sprak ik een meisje aan die kaartjes verkocht om in de oude klokkentoren naast een kathedraal te klimmen. Ik had een vraag over iets speciaals wat ik zag in de kathedraal met de gedachte dat zij er misschien wel een antwoord op had of me een tip kon geven. Haar reactie: ' O sorry, I am not religious, I have never been in this church'. 
Jammer.

 


 

De Mariakerk uit de 15e eeuw is eveneens gesloten. Slechts vanuit een portaal kun je een blik in de kerk werpen, het is in elk geval beter dan echt gesloten deuren. Op een oud houten tafeltje staat ook een bakje met ansichtkaarten en wat foldertjes over de te houden missen en zo. Ook ligt er een boekje over deze kerk. Het is maar 1 exemplaar en in het Kroatisch dus dat schiet niet echt op. Wel staat er een opvallende tekening in waarop te zien is hoe een jongen of man uit de toren valt en hoe waarschijnlijk Maria hem te hulp heeft geschoten.
Ik maak er een foto van en laat de tekst vertalen door de pizzabakker in het restaurant en ook die heeft nog nooit van dit verhaal gehoord. In elk geval is er op 15 mei 1896 een jongen de toren uitgevallen en heeft door toedoen van den heiligen maagd de val overleefd. 
Op het moment dat ik het kerkje wil fotograferen steken er twee zwarte katten over. We zijn die dag veilig thuis gekomen.

 

Houten en vergulde Pieta uit de 15e eeuw. 
Heb haar van een afstandje door het portaal kunnen zien. 

Kijk eens hoe heerlijk en ontspannen het kindje erbij ligt. 

Mocht je Buje eens bezoeken, dan is een bezoekje aan dit restaurantje een aanrader. Zeer aardige bediening (o, wat vind ik dat toch belangrijk) en de lekkere gerechten. Pas op met bestellen van een pizza: neem een kleine, mits je met je gezin bent.
De truffel omelet smaakte ook uitstekend. Je vindt deze pizzeria tegenover de Mariakerk.
Over dat belangrijk zijn van klantvriendelijkheid: door mijn werk als workshopleider kwam ik 15 jaar lang in diverse horecagelegenheden en ik kan er een boek over schrijven. 'Kan' zeg ik erbij, ik zal het niet doen. Maar wat een verschillen zijn er. Sommigen snappen maar niet dat je thuis ook kunt eten, soms lekkerder en veel goedkoper en dat je uit bent voor de sfeer en de gezelligheid en vaak om iets te vieren. Lekker eten, hoe exclusief of eenvoudig ook, valt of staat voor mij met de bediening. Een lach kost niets en attent zijn een beetje inspanning waar je veel voor terug krijgt in de vorm van een nieuwe klant, fooi en vooral: plezier in je eigen werk. Nu stop ik want ik verval weer in mijn oude werkpatroon. Maar zo werkt het wel.
Voor mij althans.